Heiligen zijn geen oude mensen die we enkel zien op schilderijtjes of in glas-in-loodramen. In de katholieke Kerk zijn heiligen echte mensen die heel dichtbij Jezus hebben geleefd. Ze hebben goed naar Hem geluisterd en geprobeerd zijn liefde concreet te maken in hun leven. Daardoor zijn zij een voorbeeld voor ons allemaal – een levend bewijs van hoe je God kunt dienen.
– Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 828
Heiligen tonen ons wat het betekent om echt christen te zijn – niet perfect, maar vol overgave en liefde. Ze laten zien dat heiligheid niet iets “voor anderen” is, maar een roeping voor ieder van ons.
De Kerk wil natuurlijk zeker weten dat iemand echt een heilig leven heeft geleid. Daarom bestaat er een zorgvuldig proces:
3. Zalig (Beatus): Er moet een wonder gebeuren op voorspraak van die persoon – bijvoorbeeld een onverklaarbare genezing.
4. Heilig (Sanctus): Meestal wordt nog een tweede wonder onderzocht. Daarna verklaart de paus officieel dat de persoon als heilige mag worden vereerd in de hele Kerk.
Er zijn talloze ‘onbekende heiligen’: ouders, vrienden, vrijwilligers, grootouders – mensen die in stilte trouw en liefdevol leven.
Heiligen zijn enorm relevant!
Sommigen mensen denken dat dit iets van vroeger is, maar niets is minder waar. Kijk naar Carlo Acutis en Pier Giorgio Frassati, die in 2025 officieel heilig zijn verklaard. Carlo, een tiener uit Italië, gebruikte het internet om mensen dichter bij Jezus te brengen. Pier Giorgio was sportief, sociaal en zette zich met hart en ziel in voor de armen. Beiden leefden gewoon, met humor en vrienden – maar ze deden alles mét Jezus. Hun levens laat zien dat heiligheid niet saai is, maar juist echt. Heilig worden is niet “superbraaf zijn”, maar God de hoofdrol geven in jouw leven. Daarin ontdek je wat geluk echt betekent.

